8 november 2015

Lessen uit Jona 3&4

Lessen uit Jona 3 & 4 

Vooraf:
– Jona kreeg opdracht van de Heer om naar Ninevé te gaan (1:1-2)
– Hij vluchtte de andere kant op naar Tarsis (1:3)
– Tijdens deze bootovertocht kwam er een hevige storm, de bemanning van de boot gooiden het lot en het lot wees Jona (uiteraard) aan als degene wiens schuld het was. (1:4-14)
– Jona werd uit de boot gegooid, verbleef 3 dagen in de vis en werd uiteindelijk uitgespuwd op het strand. (1:15-2:11)

 Jona 3 & 4
1 Opnieuw richtte de Heer zich tot Jona:  2 ‘Maak je gereed en ga naar Ninevé, die grote stad, om haar aan te klagen met de woorden die ik je zeg.’ 3 En Jona maakte zich gereed en ging naar Ninevé, zoals de Heer hem opgedragen had. Ninevé was een reusachtige stad, ter grootte van drie dagreizen. 4 Jona trok de stad in, één dagreis ver, en riep: ‘Nog veertig dagen, dan wordt Ninevé weggevaagd!’  5 De inwoners van Ninevé geloofden God: ze riepen een vasten uit en iedereen, van hoog tot laag, hulde zich in een boetekleed. 6 Toen de profetie de koning van Ninevé bereikte, stond hij op van zijn troon, legde zijn staatsiegewaad af en ging, gehuld in een boetekleed, op de grond zitten. 7 En hij liet in Ninevé omroepen: ‘Volgens bevel van de koning en zijn edelen is het niemand toegestaan te eten of te drinken, mens noch dier, rund noch schaap of geit. De dieren mogen niet grazen of water drinken. 8 Iedereen, mens en dier, moet zich hullen in een boetekleed en luidkeels God aanroepen. Laat iedereen anders gaan leven en breken met het onrecht dat hij doet. 9 Misschien dat God van gedachten verandert en op zijn besluit terugkomt; wie weet zal Hij zijn woede laten varen, zodat wij niet te gronde gaan. ’ 10 Toen God zag dat zij inderdaad anders begonnen te leven, kwam Hij terug op wat Hij gedreigd had hun aan te doen, en Hij deed het niet.

1 Dit wekte grote ergernis bij Jona en hij werd kwaad. 2 Hij bad tot de Heer: ‘Ach Heer, heb ik het niet gezegd toen ik nog thuis was? Daarom wilde ik naar Tarsis vluchten. Ik wist het wel: u bent een God die genadig is en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid. 3 Laat mij maar sterven Heer: ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven. 4 Maar de Heer zei: ‘Is het terecht dat je zo kwaad bent?’ 5 Nadat Jona Ninevé had verlaten, was hij aan de oostkant van de stad gaan zitten. Hij had er een hut gemaakt om in de schaduw af te wachten wat er met de stad zou gebeuren. 6 Nu liet God, de Heer, een wonderboom opschieten om Jona schaduw boven zijn hoofd te geven en zijn ergernis te verdrijven. Jona was opgetogen over de plant. 7 Maar de volgende morgen, bij het aanbreken van de dag, liet God de plant door een worm aanvreten, zodat hij verdorde. 8 En toen de zon opkwam, liet God een verzengende wind uit het oosten waaien; de zon brandde zo op Jona’s hoofd dat hij door de hitte werd bevangen. Hij bad om te mogen sterven: ‘Ik ben liever dood, dan dat ik zo verder moet leven’. 9 Maar God zei tegen Jona: ‘Is het terecht dat je zo kwaad bent over die plant?’ Jona antwoordde: ‘Ik ben verschrikkelijk kwaad, en terecht! 10 Toen zei de Heer: ‘Als jij al verdriet hebt om die wonderboom, waar jij geen enkele moeite voor hebt hoeven doen en die jij niet hebt laten groeien, een plant die in één nacht opkwam en in één nacht verging, 11 zou ik dan geen verdriet hebben om Ninevé, die grote stad, waar meer dan 120.000 mensen wonen, die het verschil tussen links en rechts niet eens kennen, en dan nog al die dieren?

Vragen:
– Welke gedeelten vallen je op en waarom?
– Welke lessen kunnen we trekken uit de geschiedenis van Jona/bovenstaand Bijbelgedeelte?

Uitwerking lessen Jona 3&4: 

  1. Barmhartigheid van God voor weigerende leiders.

Hij geeft Jona een nieuwe kans. Jona had geweigerd, maar God is barmhartig, redt hem door een vis en stuurt hem opnieuw. Tegelijkertijd ook een spiegel voor onszelf. Hoe onze reactie als God iets van ons vraagt? Bijv. bidden voor anderen? Geven we gehoor, of vluchten we ook?

Hoe groot is God, dat Hij zelfs weigerende zondige leiders gebruikt.

  1. Moed en geloof van Jona toen hij predikte in Nineve

– Ninevé stad van 120.000 mensen
– Hoe communiceerde hij met de mensen? Taalbarrière: Ninevé was in Assyrie, Jona sprak Hebreeuws.
– Hij had geen makkelijke boodschap, hij zal er niet populair door worden
– Maar toch ging hij door, bracht hij de boodschap! Moed, geloof en dapperheid, belangrijke eigenschappen. 

  1. Koning van Ninevé -> berouw + gebruiken van zijn invloed

– Koning hoorde ervan, bekeerde zich -> maakte dat fysiek kenbaar, maar gebruikte vervolgens ook zijn invloed. Hij beïnvloedde het lot van een hele stad. Let ook op vers 9: hij droeg het niet alleen op, maar gaf ook de reden waarom te vasten.

  1. Kracht van vasten

– Inwoners kregen schuldbesef, gingen vasten en schreeuwden uit naar God. Vervolgens toont God zijn barmhartigheid. God vergeeft de zonden. Vasten wordt in dit gedeelte ook samen genomen met gebed: vasten is geen geïsoleerde activiteit, maar als onderstreping van het gebed. Niet los van elkaar zien.

– Overigens is het naar mijn mening niet zo dat we door vasten God dwingen om in beweging te komen. God is onaantastbaar. Maar er zijn genoeg Bijbelse voorbeelden, waar wordt gesproken over vasten en waar het laat zien dat vasten grote kracht kan hebben. (Jona 3:5-7, Esther 4:3, Nehemia 1:4, Jezus (Luk 4:1-2).

  1. De toorn van God -> De toorn van God is reëel. Geen populair thema misschien, maar reëel. God wil gerechtigheid over zonde. Hij kijkt niet naar de zonde en zegt dan, ah maakt niet uit. Nee, het is een grote last op de aarde. God verlangt dat verwijdering van onrecht komt door bekering. Hij verlangt er naar dat alle mensen worden gered (1 Tim 2:4). God behaagt zich niet over de dood van onbekeerden, maar Hij wil wel de zonde van de wereld wegdrijven. Het mooie in dit verhaal vind ik dat het ook laat zien, dat God niet vernietigt daar waar hoop is. Hij kiest voor barmhartigheid, zolang dat mogelijk is.
6. Reactie van Jona -> motief check.

Jona werd woedend door Gods reactie dat Ninevé niet verwoest zou worden. Hij zegt dat hij beter thuis had kunnen blijven, omdat hij dit al die tijd al had geweten en daarom ook naar Tarsis was gevlucht. De vraag is wat zat Jona dwars? Was hij bang dat hij uitgemaakt zou worden voor een valse profeet? Het lijkt alsof hij in een spiraal zit van verbittering en gekrenkte trots. God wil Jona iets leren. Dit doet Hij door middel van de wonderboom, die eerst schaduw geeft en vervolgens verdort. God zegt dat Jona een simpele plant had willen sparen (die hij niet eens zelf gemaakt heeft). Zou God dan geen medelijden hebben met Ninové, een stad met 120.000 inwoners?

Jona had te maken met egoïsme. Hij vond het jammer van die plant, omdat hij er zelf wat aan had. Hij was boos over Ninevé, omdat hij trots was en gelijk wilde krijgen. Wat zijn onze motieven? Waarom zijn we actief in het koninkrijk

God gaf Jona een ‘check’ rondom zijn motief en herinnert ons daarbij. Laten we onszelf ‘drijven’ door dat wat God ‘drijft’.

  1. God heeft alles in Zijn hand

Hij heeft alles in Zijn hand. Voorbeelden:
– Jona 1:4: ‘De Heer wierp een hevige storm op de zee’
– Jona 1:17: ‘De Heer liet Jona opslokken door een grote vis’.
– Jona 4:6: ‘De Heer liet een wonderboom opschieten’.
– Jona 4:7: ‘God liet de plant door een worm aanvreten’.
– Jona 4:8: ‘God liet een verzengende wind uit het oosten waaien’.

 

Terug